levensslingers

27/04/2020

Onderga beleggen; de communicerende-vaten-strategie

Filed under: Financieel — Henk van Putten @ 10:07 pm

Een negatieve rente dreigt. Het doet zelfs mensen die zich altijd verre van de beurs hebben gehouden nu overwegen om naar alternatieven te zoeken.

Slim beleggen is niet moeilijk. Al het leergeld heb ik voor u betaald. In mijn eerste beursleven belegde ik impulsief. Bij een stijgende beurs is dat geen probleem overigens, al vervluchtigt een deel van je rendement wel door de hoge transactiekosten. Ik deed alles: aandelen, opties, gedekt schrijven (calls verkopen), aandelen verzekeren, al dan niet met de onderliggende waarden in bezit (puts kopen). Toen na september 2001 de muziek eruit was, was alle winst in een zucht verdwenen. Rijkdom die te snel komt, brengt geen geluk.

Ik trok de stekker uit al mijn activiteiten, al bleef een gevoel hangen dat het slimmer had gekund. Er begon een periode van gisting, het geleerde in deze eerste periode bezonk, totdat ik geleidelijk een strategie voor mij zag die eigenlijk niet kon falen. Want één ding had ik wel geconstateerd: er is altijd wel iets dat wel stijgt in waarde, alleen ik had het nooit in bezit. Is het niet vastgoed, dan zijn het wel obligaties, zijn het niet aandelen, dan toch wel grondstoffen. En er is de rente, soms best hoog, soms erg laag. Een impulsief belegger loopt echter vrijwel altijd achter de feiten aan.

Mijn nieuwe strategie is dus geen kwestie van er bovenop zitten. Men hangt eerder onderuit. Ik pas haar nu een jaar of vijftien toe en durf intussen wel te stellen dat het gemiddelde rendement niet alleen de rente verslaat, maar ook vaak de markt (al heb ik het nooit heel precies uitgezocht).

Ik laat de lezer niet langer in spanning. Het geheim is spreiding. Niet van aandelen, dat bereikt men doorgaans ook al wel met een aandelenfonds en dat gaat precies even hard onderuit als de rest van de beurs; zo gauw het sentiment omslaat. Spreiding in categorieën is het geheim. En het tweede punt, hiermee samenhangend, is consequent zijn. Drie, ten slotte: zo weinig mogelijk handelen. Drie basisregels: categorieën spreiden – vasthouden aan de strategie – activiteit beperken.

De categorieën zijn:
1. Aandelen. Een fonds. Ik kies voor ASN Aandelenfonds en heb ook een vergelijkbaar fonds van Triodos in portefeuille. Samen moeten zij 20% van het totaalbedrag uitmaken.
2. Obligaties. Ook weer een fonds. Ik heb ASN Obligatiefonds en opnieuw een vergelijkbaar fonds van Triodos. Ook zij moeten samen 20% van het totaal zijn.
3. Geld. Hier een combinatie van een langlopende deposito in combinatie met een gewone spaarrekening. Een deel flexibel, een deel langer vaststaand dus. Ook weer 20%.

De eerste drie zijn niet bepaald uniek, er zijn meer mensen die een dergelijke portefeuille aanhouden, die dan vaak als defensief wordt gezien door de relatieve grote component geld en obligaties. Nu mijn uitbreiding hierop.

4. Vastgoed. Hangt samen met aandelen, maar heeft toch een eigen dynamiek. Lang zat ik in Triodos Vastgoedfonds, maar dat fonds werd helaas ontbonden*. Nu ACTIAM Verantwoord index Vastgoed Europa. 20% van het totaal ook weer.
5. Grondstoffen. Ik heb sinds 2007 goudcertificaten in bezit en dat legde me geen windeieren. Zeer volatiel, maar het fungeert steevast als een valnet voor de rest van de portefeuille. Vallen aandelen naar beneden, dan vliegt het goud soms omhoog. Ik heb uit de tijd dat deze certificaten nog makkelijk aan te schaffen waren nog steeds RBS Goudcertificaten, tegenwoordig zijn deze lastig aan te kopen (wel makkelijk te verkopen). Nu vul ik dit deel aan met een ETF IShares physical Gold en Wisdomtree physical Silver. Ook samen 20%.

Daarmee zijn we er al bijna. De volgende stap is consequent zijn en…lui. Bepaal de frequentie van de beleggingsactiviteiten per jaar. Dat kan eens per maand zijn, eens per kwartaal. Of nog minder vaak. 20 / 20 / 20 / 20 / 20 % zal de verhouding binnen de portefeuille na één dag al niet meer zijn.  De crux: Koop daar bij waar een categorie duidelijk onder de 20% is gekomen, door daling van koersen of door het stijgen van de rest, ieder belegmoment weer. Verkoop in principe niet, tenzij er geld nodig is voor een grote uitgave. Dan verkopen uit die categorie die duidelijk boven de 20% is gekomen. Dividend laten herbeleggen als dat zonder transactiekosten kan, anders niet.

Het is een lange-termijn-strategie. Bij een crash van de beurs zullen aandelen en vastgoed vaak hard dalen, goud meestal stijgen, de rente ook, maar niet altijd zal het een het ander (volledig) compenseren. De methode is ook weer geen Haarlemmer olie die ieder verlies op elk moment uitsluit. Zulke perioden echter vormen altijd een gunstig koopmoment voor aandelen en/of vastgoed. Andersom kan goud een flinke duikeling maken als het op de beurs voor de wind gaat. Dat is dan weer een goed koopmoment voor goud. Mits dat onder de 20% is gekomen! Obligaties zijn rentegevoelig, stijgt de rente dan dalen ze meestal in waarde. Ook daar een wisselwerking. Communicerende vaten is de analogie. En daarom de naam waarmee ik mijn strategie heb gedoopt.

Beleggen in een categorie die aan het onderuit gaan is, voelt overigens contra-intuïtief. Het is go-with-he-flow maar dan andersom; start-loss. Toch lijkt het over een langere tijdspanne erg goed te werken. Als het tij keert, ben je niet op tijd, maar de tijd ver vooruit geweest. “Never catch a falling knife” hoort men ook vaak. Er gaat geen belletje als de bodem is bereikt. Dat is waar. Leidend moet daarom het vaste belegmoment zijn, niet de gedachte ‘nu kan het niet lager meer.’

Probeer het eens, desnoods met een laag bedrag. Onderga beleggen.

* Dit fonds is de geschiedenis ingegaan als een grote flop. Dat was het ook. Citaat uit een nieuwsbericht van duurzaam-beleggen.nl (januari 2020):
“Triodos Vastgoedfonds was, in eigen woorden, een actief beheerd impactfonds, dat streefde naar verduurzaming van vastgoed. TVG ging in 2004 van start met een (voor splitsingen gecorrigeerde) koers van 6,25 euro. Daar blijft dus ongeveer 3,20 euro van over. Sinds 2006 is wel ieder jaar dividend uitgekeerd, maar ondanks dat is het totaalrendement voor de belegger van het eerste uur zo goed als nihil.”
Een flop, maar met de communicerende-vatenstrategie ook weer niet, het dividend was zeer stabiel, van 2013-2020 zelfs bijna 10% per jaar. Door de enorme val in 2013 ging ik, de strategie trouw, bijkopen. Op de eerste van die investeringen is in zeven jaar tijd bijna 140% rendement ontstaan. Zo kocht ik in de zomer van 2013 en groot aantal stukken onder de 2 euro (1,96), kreeg daar tot 2020 7 x 0,20 = 1,40 dividend voor. Uiteindelijk moest ik ze voor de afwikkelingsprijs van 3,27 verkopen. Dat klinkt allemaal heel cool, maar echt happy was ik in 2013 natuurlijk niet, na een vrije val 4,70 naar 1,96…

 

28/05/2012

Goede doelen

Filed under: Ethiek, Financieel, Politiek — Henk van Putten @ 10:59 pm

Al vaak ben ik voor gek verklaard, maar ik maak nog wel eens iets over aan een goed doel. Het argument dat ik het vaakst tegen hoor is dat er zo weinig zou aankomen bij de beoogde hulpbehoevenden. Ik wilde altijd denken dat dat wel meeviel, totdat ik op deze site stuitte.

Ik moet toegeven dat ik daar niet vrolijk van werd. Waar zijn nog directeuren te vinden die – liefst uit aard der zaak – met twee- maximaal driemaal modaal genoegen nemen? Waarom moet ik met mijn relatief bescheiden salaris* een tweede huis in Portugal financieren voor iemand die een charitatieve stichting alleen wil leiden voor een ton of meer?

Voor welke betrokkene ook die dit leest: directies met salarissen boven de 90K hoeven mij geen acceptgiro meer te sturen: die zal onmiddellijk verscheurd in de prullenbak belanden.

* maar genoeg voor een klein gezin

24/03/2012

Fiscaal opportunisme

Filed under: Ethiek, Financieel, Politiek — Henk van Putten @ 8:21 pm

Toen aan het eind van de vorige eeuw de huizenprijzen omhoogschoten, besloot de overheid het WOZ-tijdvak stapsgewijs van vier naar één jaar in te korten, kassa. Nu is de trend omgekeerd en worden via subtiele verhogingen van het berekende percentage de gemeentelijke inkomsten op peil gehouden.

Voor de inkomstenbelasting is per belastingjaar 2011 ingesteld dat voor het rendement op vermogen niet langer het gemiddelde vermogen over een fiscaal jaar het uitgangspunt is, maar de stand van dit vermogen op 1 januari. Voor het eerst sinds jaren daalt het gemiddelde vermogen van huishoudens in Nederland, dus ook daar lijkt over nagedacht.

Een erg sociale maatregel is het niet: wie in 2011 moest interen op zijn spaargeld, bij voorbeeld door het verlies van werk, mag alsnog van zijn startkapitaal in 2011 1.2% inleveren, ook al is dat kapitaal intussen flink geslonken. De belastingplichtige wordt aangeslagen voor 30% van een verondersteld rendement van 4%, een percentage dat professionele beheerders van pensioenfondsen door de lage rentestand al jaren niet meer halen.

Eerlijker zou het zijn om in plaats van met 4% te rekenen met het gemiddelde rendement dat door pensioenfondsen behaald is.En dat, als het dan toch eenvoudiger moet, te berekenen over het vermogen op 31-12. Wie rijker is geworden, kan beter tegen een stootje.

06/03/2012

Twee bezuinigingsvliegen in één klap

Filed under: Financieel, Politiek — Henk van Putten @ 4:58 pm

Bezuiniging één: Leg de Balkenendenorm dwingend op.

Mijn oom was watergraaf, enige tijd geleden nam hij afscheid. Onlangs sprak hij zijn opvolger, die hem vroeg: “Was het in jouw tijd ook al zo dat de directeuren meer verdienden dan de watergraaf?” Onmiddellijk doorzag hij wat er was gebeurd: deze directeuren hadden het interbellum tussen zijn vertrek en opvolging aangegrepen om zichzelf vooruit te zetten, en fors ook, ter compensatie van zijn krenterige regiem.

Verantwoordelijkheid voor grote potten (semi-)overheidsgeld perverteert kennelijk ons gedrag. Onderwijsinstellingen, ziekenhuizen, woningcorporaties, publieke omroepen, maar al te gauw wordt er gemeend dat de bezoldiging van een topman die van de minister-president mag ontstijgen. Met het hongerloontje van Mark Rutte word je door de gemiddelde captain-of-industry uitgelachen, een gegeven dat doorwerkt in de quartaire sector.

Als er een moment was om iets tegen dit fenomeen te doen, dan nu. Contracten en opgebouwde rechten vereisen nog een gefaseerde aanpak, maar zelfs daaraan zou je boven 180K moeten mogen morrelen. De aanstaande inperking van de hypotheekrente verzacht de pijn immers. Een lager salaris zorgt automatisch voor een lagere aftrek, zodat de twee maatregelen tegen elkaar in zullen werken. Twee vliegen in één klap.

30/04/2011

Pleidooi voor bonussen

Filed under: Financieel, Politiek — Henk van Putten @ 11:22 pm

Momenteel treft men weinig opiniërende stukken aan in de media waarin positief geschreven wordt over de (schaamteloze) zelftoekenning van bonussen door bankiers; een enkele verdwaalde journalist bij het Financieel Dagblad daargelaten. Exhibitionistische zelfverrijking noemde een oud-premier dit verschijnsel al in de vorige eeuw, totdat er hem zelf een stoel werd aangeboden aan de andere kant van de tafel. (Sindsdien duikt hij bij iedere vraag over dit onderwerp diep weg in het pluche.)

Zouden bankiers spreken van ‘voorwaardelijk salaris’, en deze extra gezwellen in hun beloning niet als bonussen betitelen, dan zou er veel minder over gevallen worden. Voorwaardelijk salaris is een afspraak die gemaakt wordt bij indiensttreding. Uit het woord bonus spreekt een zekere willekeur en het feit dat de leiding zelf over hoogte en moment beschikt, zorgt voor de rest van de negatieve beeldvorming.

De oplossing is naar mijn mening niet gelegen in het heffen van een extreme belasting over iedere extra beloning, al mag dat van mij best met terugwerkende kracht geschieden. Te vrezen valt echter dat vooral Amsterdamse advocaten hier beter van zullen worden en niet de staat. Daarbij zal het er slechts voor zorgen dat er nieuwe routes zullen worden gezocht waarlangs gegraaid kan worden. Want financiële prikkels zijn onmisbaar: ter voorkoming van een exodus van allemaal briljante bankiers.

Ik heb een ander idee. Topmannen krijgen bij hun aanstelling de keuze: wilt u een bonusregeling? Dat kan, die bestaat. Maar onlosmakelijk eraan vast zal een boeteclausule zitten van een evengrote orde. Doelstellingen niet halen betekent een strafkorting op het salaris en het inleveren van een nader te bepalen aantal opties. Bij toestanden als in 2008 beloopt deze boete in de miljoenen, dat spreekt. Ik ben benieuwd hoeveel bankiers er bij een dergelijk bonus/malussysteem nog zullen willen kiezen voor deze arbeidsvoorwaarde.

Ingekort geplaatst in Trouw, 26 maart 2011

Maak een gratis website of blog op WordPress.com.